John Crombez stelde hierover een vraag in de Senaat. Hieronder kan je het antwoord lezen.
Vraag
om uitleg van de heer John Crombez aan de vice-eersteminister en minister van
Financiën en Institutionele Hervormingen over «de btw-verlaging voor de horeca»
(nr. 4-1235)
De voorzitter. - De heer Melchior Wathelet, staatssecretaris voor Begroting,
voor Migratie- en asielbeleid, voor Gezinsbeleid en voor de Federale Culturele
Instellingen, antwoordt.
De heer John Crombez (sp.a). - Sinds het begin van de economische crisis hebben
de verschillende overheden maatregelen met betrekking tot de btw in de horeca
aangekondigd. Ondertussen heeft de regering beslist een btw-verlaging naar 12%
voor de restaurants door te voeren. Dat geldt niet voor cafés, wat wordt
betreurd. De regering heeft aangekondigd dat die verlaging met een pakket
maatregelen zal gepaard gaan, onder meer in verband met het systeem van het
kasregister, in het kader van de bestrijding van zwartwerk. Die maatregelen
zullen enige organisatie in de sector vergen.
Blijft de regering bij haar timing van 1 januari? Zo ja, op welke manier zal de
horecasector, die nog bijna geen informatie over de maatregelen heeft
ontvangen, tijdig worden geïnformeerd? Zal op 1 januari enkel de btw-verlaging
in werking treden of is het nog steeds de bedoeling op die datum het hele
pakket maatregelen door te voeren? Is dat nog haalbaar?
M. John Crombez (sp.a). -
De heer Melchior Wathelet, staatssecretaris voor Begroting, voor Migratie- en
asielbeleid, voor Gezinsbeleid en voor de Federale Culturele Instellingen. - Ik
lees het antwoord van de minister van Financiën.
De Ministerraad heeft op vrijdag 13 november 2009 de wijziging goedgekeurd van
tabel B van het koninklijk besluit nr. 20. Voor restaurant- en
cateringdiensten, met uitsluiting van alle dranken, wordt het btw-tarief
verlaagd tot 12 procent.
De toepassing van het verlaagd btw-tarief is gekoppeld aan een aantal
engagementen van de sector zelf. Concreet verbindt de sector zich ertoe om
binnen achttien maanden na de verlaging van het btw-tarief voor 6.000 nieuwe
jobs te zorgen, waarvan 2.000 tegen einde 2010, en over een periode van twee
kalenderjaren na de invoering van het verlaagd btw-tarief 10.000 nieuwe jobs te
creëren, een cijfer dat kan worden opgetrokken tot 18.000 tegen 31 december
2012, als het btw-tarief op 1 januari 2011 tot 6 procent wordt verlaagd. Tevens
verbindt de sector zich ertoe de behaalde resultaten in oktober 2010 samen met de
regering te evalueren, de loonmassa met 5 procent te verhogen in de
ondernemingen of onderdelen van ondernemingen die onder het toepassingsgebied
van de verlaging van het btw-tarief vallen en de gemiddelde arbeidsduur per
arbeidsrelatie te verlengen.
Wat de strijd tegen zowel de fiscale als de sociale fraude betreft, zal in
samenspraak met de bevoegde ministers een bepaling worden ingevoerd waarbij het
gebruik van een geregistreerd kassasysteem, dat gekoppeld wordt aan een
ondubbelzinnige identificatie van het personeel, verplicht zal worden ten
laatste tegen 1 januari 2013 in alle horecazaken die onder het
toepassingsgebied vallen van de btw-verlaging en maaltijden serveren die ter
plaatse worden verbruikt. Deze verplichting wordt onmiddellijk ingevoerd bij de
opstart of de overname van iedere horecazaak.
Tevens zal in samenspraak met de sector een controlenorm worden uitgewerkt die
zal worden gebruikt voor zowel fiscale als sociale doeleinden.
Samen met de ministers bevoegd voor Sociale Zaken en voor Werk zal er een
nieuwe Dimona-aangifte worden uitgewerkt naar analogie met de aangifteregeling
die van toepassing is in de tuinbouwsector. Deze nieuwe aangifteregeling zal
van toepassing worden vanaf een datum waarop die verwerking technisch mogelijk is
en ten laatste op 1 januari 2011.
Op mijn initiatief zal in samenspraak met de andere bevoegde ministers een
duidelijke evaluatieprocedure worden uitgewerkt waarin duidelijke parameters
worden opgenomen voor de opvolging van de engagementen waartoe de sector zich
heeft verbonden. De resultaten van deze evaluatie zullen ten laatste tegen eind
oktober 2010 aan de Ministerraad worden voorgelegd.
Al deze maatregelen worden genomen in overleg met de sector en de sector zal
haar leden er warm voor maken om een gedeelte van de opgetekende margeverhoging
dankzij de verlaging van het btw-tarief te benutten voor extra investeringen in
overeenstemming met de geldende normen: een betere ontvangst van de consument
door een renovatie van de ontvangstruimte, een betere dienstverlening en een
modernisering en verbetering van de accommodatie, de investering in nieuwe
accommodatie, met een bijzondere inspanning voor milieubehoud en duurzame
ontwikkeling, de uitbreiding van de bestaande zaak en/of de lancering van een
bijkomende zaak.
Al deze engagementen dienen nu nog te worden uitgewerkt. Dit gebeurt uiteraard
in samenspraak met de sector, die zeer nauw betrokken is bij de uitwerking
ervan. De diverse horecafederaties stellen hun leden stelselmatig op de hoogte
van de uitvoering van de diverse maatregelen.
M. Melchior Wathelet, secrétaire d'État au Budget, à la Politique de migration
et d'asile, à la Politique des familles et aux Institutions culturelles
fédérales. -
De heer John Crombez (sp.a). - Ik zal het antwoord er nog eens op nalezen, maar
ik heb niet horen bevestigen dat op 1 januari de btw-verlaging effectief
ingaat.
Het antwoord is weliswaar duidelijk wat de timing betreft, maar in de begroting
staat de btw-verlaging op jaarbasis genoteerd als een netto kost, omdat er ook
een aantal ontvangsten moeten komen uit de engagementen van de sector en de
strijd tegen fraude.
Als ik de timing van die maatregelen hoor - 2011, 2012, 2013 - vind ik het
vreemd dat reeds in de begroting van 2010 een ontvangst daarvoor is opgenomen.
M. John Crombez (sp.a). -
De heer Melchior Wathelet, staatssecretaris voor Begroting, voor Migratie- en
asielbeleid, voor Gezinsbeleid en voor de Federale Culturele Instellingen. -
Wat de eerste vraag betreft, is het antwoord van de minister duidelijk.
Wat de begroting betreft: de betreffende 255 miljoen euro vormen een bruto
bedrag. Dat is genoteerd als fiscale vermindering van ontvangsten door de
nieuwe maatregel. Ik verwijs naar het verslag van het Rekenhof, dat zegt dat
het cijfer positiever kan zijn, door de terugverdieneffecten van de
btw-verlaging.
We zijn misschien een beetje te voorzichtig geweest, maar het is niet slecht
dat een regering inzake de begroting voorzichtig is.