Vraag aan Minister Reynders ivm onwettige premieverhoging DKV
John Crombez stelde een parlementaire vraag aan Minister van Financiën Reynders in verband met de onwettelijke premieverhoging van hospitalisatieverzekeraar DKV. Het antwoord van de Minister is zeer duidelijk. De premieverhoging is onwettig en dient niet betaald te worden.
"De door DKV Belgium NV eenzijdig
aangekondigde tariefwijzigingen vallen onder geen van de door de wet bepaalde
en hierboven beschreven mogelijkheden. De wijzigingen zijn dan ook onwettig en
nietig op het vlak van het overeenkomstenrecht. Verzekerden moeten de verhoging
van het tarief dus niet betalen".
Het volledige vraag en antwoord vindt u hieronder.
Mondelinge vraag van
de heer John Crombez (sp.a) aan de vice-eersteminister en minister
van Financiën en Institutionele Hervormingen over «de premieverhoging van de
hospitalisatieverzekering door DKV» (nr. 4-1017)
De
heer John Crombez (sp.a). - Begin 2007 werd een wet
goedgekeurd die de evolutie van de premies onder controle moest gehouden. Dat
is echter niet gelukt. Zo steeg de premie van de hospitalisatieverzekering van
een gepensioneerd koppel bijvoorbeeld met 1.600 euro per jaar.
De
marktleider voor individuele hospitalisatieverzekeringen DKV kondigde een
premieverhoging aan van 7,84 % vanaf 1 januari. DKV zegt anders met
verlies te werken. Het
gaat echter om een cirkel redenering. Zo maakt de stijging van de premies dat
onder de premies wordt gefactureerd, de kosten oplopen en de premies opnieuw
moeten worden verhoogd. Dat vermijden was precies de bedoeling van de wet.
Wat
is het standpunt van de minister over deze premieverhoging? Is er ondertussen
een akkoord van de CBFA voor deze premieverhoging?
Wat zal de minister
ondernemen tegen deze onwettige premieverhoging door de Belgische marktleider?
De nieuwe wetgeving laat een premiestijging alleen toe op basis van de
consumptieindex, de medische index, die nog steeds niet bestaat, of na
goedkeuring van de CBFA. Als de CBFA haar goedkeuring verleent, zal de minister
dan zelf ingrijpen?
Wat kunnen consumenten die geconfronteerd worden met deze
eenzijdige premieverhoging, doen opdat ze niet gedwongen worden deze verhoging
te betalen?
De
heer Didier Reynders, vice-eersteminister en minister
van Financiën en Institutionele Hervormingen.
- Het wettelijk kader laat een verzekeringsonderneming toe de contractuele
voorwaarden van een ziekteverzekeringsovereenkomst te wijzigen en, meer
bepaald, een tariefverhoging toe te passen.
Artikel
138bis-4 van de wet van 25 juni 1992 op de
landverzekeringsovereenkomst, ingevoegd door de wet van 20 juli 2007
en onlangs vervangen door de wet van 17 juni 2009, beperkt de
mogelijkheid voor de verzekeringsondernemingen om de technische grondslagen van
de premie en de dekkingsvoorwaarden te wijzigen nadat een
ziekteverzekeringsovereenkomst gesloten is.
Ten
eerste kunnen zulke wijzigingen volgens paragraaf 1 van dat artikel bij
wederzijds akkoord van de partijen gebeuren, op uitsluitend verzoek van de
hoofdverzekerde en enkel in het belang van de verzekerden.
Ten
tweede kunnen wijzigingen plaatsvinden op basis van de evolutie van de index
van de consumptieprijzen, die het voorbije jaar negatief was.
Ten
derde zijn wijzigingen mogelijk op basis van een specifieke medische index. Het
ontwerp van koninklijk besluit dat de modaliteiten voor de berekening van de
medische index vaststelt, zal in de loop van volgende week ter ondertekening
aan de Koning worden voorgelegd. Vandaag heb ik de laatste, hiertoe vereiste
adviezen ontvangen.
Los
van deze mogelijkheden, kan de CBFA op grond van de controlewetgeving een
tariefverhoging opleggen, wanneer ze vaststelt dat de toepassing van het tarief
de financiële gezondheid van de onderneming in gevaar dreigt te brengen.
Op
het ogenblik heeft de CBFA aan geen enkele verzekeringsmaatschappij een
tariefverhoging op grond van die bepaling opgelegd.
De door DKV Belgium NV eenzijdig
aangekondigde tariefwijzigingen vallen onder geen van de door de wet bepaalde
en hierboven beschreven mogelijkheden. De wijzigingen zijn dan ook onwettig en
nietig op het vlak van het overeenkomstenrecht. Verzekerden moeten de verhoging
van het tarief dus niet betalen.
Het
niet betalen van de tariefverhoging kan in geen geval aanleiding geven tot een
opzegging van de polis of een schorsing van de dekking. Ik zal dat niet alleen
DKV, maar ook de klanten duidelijk maken.
De
heer John Crombez (sp.a). - De wetwijziging van
juli 2007 had net tot doel grote en plotse tariefwijzigingen te vermijden.
Natuurlijk kan de CBFA sinds de wetswijziging van juni 2009 zelf
tariefwijzigingen opleggen om de financiële gezondheid van de ondernemingen te
waarborgen. Die bepaling gaat natuurlijk in tegen de initiële bedoeling van de
wet van 2007 om dergelijke plotse tariefaanpassingen te beperken. Als de
premies worden verhoogd, kunnen meer kosten worden aangerekend, waardoor de
verzekeraars, zoals nu, kunnen aangeven dat ze met verlies werken. De vierde
optie moet volgens ons dan ook worden herbekeken.
De heer Didier Reynders, vice-eersteminister en minister van Financiën en Institutionele Hervormingen. -Het is met het oog op de concurrentiepositie van de
ondernemingen logisch dat in een dergelijke mogelijkheid wordt voorzien. Tot nu
toe heeft de CBFA nog geen tariefverhoging opgelegd.